IntraCorneale ringen
Aan het eind van de tachtiger jaren begon men zich in de Verenigde Staten te realiseren dat het middendeel van een contactlens in feite niet zoveel aan de werking bijdroeg. Een ringetje zou wellicht net zo goed werken redeneerde men. Na enig voorbereidend werk worden sinds 1991 speciaal geprepareerde halve ringetjes in het hoornvlies geschoven.
Techniek
Via een kleine snede boven in het hoornvlies wordt beiderzijds een tunneltje gemaakt. Vervolgens wordt in elk tunneltje een ringetje geschoven. De snede wordt gesloten met een dunne hechting.
Mochten zich problemen voordoen dan kunnen beide ringen eenvoudig worden verwijderd. Inmiddels weten we dat het oog na verwijdering terugkeert naar de oorspronkelijke afwijking.
Voordelen
- Er wordt geen weefsel weggenomen
- Het ringetje kan eenvoudig worden verwijderd.
- De ringetje bevinden zich niet in het centrum van het hoornvlies
Nadelen
- Is slechts bruikbaar bij lage bijziendheid, tussen -1,0 en -4,0
- Tijdens het plaatsen van de ringen dient langdurig een hoge oogdruk te worden gehandhaafd. Dit kan aanleiding zijn tot doorbloeding problemen van het netvlies.
- Wanneer de ringetjes niet precies op de juiste de juiste diepte in het hoornvlies geplaatst zijn is het effect minder. Een verschil tussen rechter en linker ring geeft aanleiding tot beeldvervormingen.
- De ringetjes kunnen de bron vormen van irritatie en pigmentneerslag
- Bekende complicaties zijn; nachtzienstoornissen, in vorm van halo's en weerkaatsingen, overcorrectie en ondercorrectie, astigmatisme, ontstekingen, perforatie, wondinfiltraties, epitheel erosies en verlittekening.
- Vergelijkenderwijs is het plaatsen van de ringetjes nogal ingewikkeld. Het relatief beperkte gebied van refractie afwijkingen waarbinnen de techniek kan worden toegepast maakt het wellicht tot een minder gekozen oplossing.